Conservatief Kamerlid Martin Wörsdörfer Kronkelt voor Kaartje

“Ich will dass ihr mir vertraut
Ich will dass ihr mir glaubt

Ich will eure Stimmen hören”

Mijn leraar Duits zei altijd: “stop mit Duitse Brotchen Backen.”
Nou snapfch ich Sie Ihnen auch ofzo. Moeder!

Twee jaar geleden kopte het Algemeen Dagblad nog dat “bijna één op de vijf kinderen in Rotterdam leeft in armoede.” Inmiddels is het 2019 en worden kaartjes voor het optreden van Rammstein in de “originele” Kuip door de havenstad weggegeven aan geselecteerde kamerleden. Mijn vraag is natuurlijk niet “waar doen ze het van?”, maar hoe Rotterdam aan die onmogelijke kaartjes komt en hoeveel overwerk er aan de desbetreffende ambtenaar is betaald voor het -met of zonder slaapzak- in de rij liggen. Of heeft de gemeenteraad gedreigd met degradatie van het concert naar het Sparta stadion? Sappig pre-schandaal, mogelijk, misschien. Toen het concert gepland werd, was de herrijzenis van de neo-Griekse voetbalclub nog geen feit.

Over die zielige kindjes hoef je je geen zorgen te maken. Stichting Verre Bergen pompt 24 miljoen in het nieuwe Feyenoord stadion onder voorwaarde dat het buurtkroost af en toe mag meekijken. Voor iedere oplossing is er een passend probleem. Ook weer geregeld.

GroenLinks-Tweede Kamerlid Lisa Westerveld en fan van de 65+ rockband, zou graag willen maar gaat niet omdat een “inhoudelijke reden” ontbreekt. Misschien had mevrouw moeten zeggen “omdat het niks met mijn werk te maken heeft” en Rotterdam om opheldering moeten vragen waarom mijn stad die kaartjes ueberhaupt (de rockers komen uit Duitsland) aanbiedt. Soit.

In ons appartementencomplex hebben we een duivenplaag. Een van de buren heeft haar overleden moeder beloofd goed voor vliegende ratten te zorgen. Twee broden en een kilo vogelvoer, drie maal daags, is nogal overdreven. Vandaar dat mijn liefde voor dieren op dit moment nogal mager is. Behalve die verdwaalde ijsbeer (Engels) in Rusland dan.

Toch wil ik een lans breken voor de Partij voor de Dieren. Een kaartje is een geschenk en je bent als politicus de pineut als je het wel aanneemt maar niet vertelt of andersom. Dat snap ik Algemeen Dagblad. Wat ik niet begrijp is dat volgens het artikel “daarom” Esther Ouwehand niet gaat. Zelf formuleert ze het anders. “Mijn stelregel is: als ik ergens heen ga, betaal ik mijn eigen kaartje. Ik vond de uitnodiging hartstikke lief, maar ik ga niet.” Er staan geen aanhalingstekens om het woord “daarom”, dus het is geen letterlijk citaat, wel misleidend.

Schijt aan alles

Die accentverschuiving had beter gepast bij de reactie van VVD-Tweede Kamerlid Martin Wörsdörfer. Het lukte de liberaal niet om een kaartje te kopen. Dankzij de stad waar altijd gewerkt wordt, gaat hij toch. Kan hij genieten van de muziek die zo lekker pompt. En – voor en na – netwerken met Maasstedenaren die én zijn muzieksmaak delen én een kaartje hebben gescoord én hier en nu “toevallig” worstelen met de MKB-problematiek waar het VVD kamerlid zich “gelukkig” mee bezig houdt. En er nog over willen praten ook. Hard kunnen schreeuwen is ook wel handig.

Een citaat uit het Algemeen Dagblad. “We moeten niet denken dat het alleen maar lol is. Worsdörffer appt nog: ,,Ik kan daar netwerken en met de gemeente spreken over MKB en winkelleegstand. Maar voor en ná het concert ga ik netwerken, niet tijdens!’’” We? Majesteitsmeervoud? Ach gut.

“Een keer per jaar, niet meer maar ook niet minder[!], neem ik een uitnodiging aan die niets met mijn werk te maken heeft. Je wil mensen helpen en er wordt aan alle kanten aan je getrokken. Iedereen probeert je te beinvloeden en ik zeg altijd nee, behalve die ene keer. Dit jaar is het Rammstein. Heeft niets met mijn werk te maken en ik begrijp de keuze van de gemeente Rotterdam niet, maar ik ben superfan dus ik ga. Pak en stropdas laat ik thuis. Ik zing de hele avond uit volle borst mee. Erg vals trouwens. Paar biertjes, LOL, en gewoon met iedereen kletsen. Ik heb al een hotelletje geregeld en de dag erna wandel ik brak en anononiem door de havenstad. U hoeft het niet met mij eens te zijn, maar een keer per jaar gun ik mijzelf dat pleziertje, zeker als het AD wel kritisch is op de dieren- maar niet op de ondernemerspartij. Twee buitenkansjes in een klap.”

Kijk, daar zou ik respect voor hebben. Heiligen bestaan niet. Een man in de politiek die zich soms een trekpop voelt en een keer per jaar losgaat, is net een echt mens. Als je verder zuiver op de graat en eerlijk bent, zal niemand jou dat pleziertje ontzeggen. Wauwelen dat je om middernacht met een piep in je oren de parkeerplaatsenproblematiek, eerste straat rechts van de Coolsingel bespreekt met bezoekers die je toevallig aanklampt? Verkopen is ook een vak. Waarom stemmen ondernemers eigenlijk VVD?

Kopfoto gemaakt door Yvette de Wit, gevonden op Unsplash.

In Holland Staat een Huis te Weinig (x 300.000)

Lokale politiek in de Hofstad: Minimaal inkomen voor huuruitbuiting middenklasse is nu 57.000 euro.

Ze hebben in Den Haag weer een bizar plan bedacht. Voor de verandering is het dit keer de gemeentelijke overheid, met instemming van de VVD. Dat is de partij die, sinds ze krap bij kas zit, haar kamerleden 1.000 euro wil rekenen om namens de volkspartij voor vrijheid en democratie in de Kamer te zitten. Het is dat het zo’n puinhoop is bij de SP, anders had het gepeupel, u en ik dus, allang bulderend gelach horen opstijgen uit het Brabantse plaatsje Oss.

Iedereen wil meer geld voor de brandweer als de halve stad is afgebrand. Het is de taak van politici om ervoor te zorgen dat er geen brand ontstaat. In Den Haag sputtert VVD’er Revis dat het hem “als liberaal” zwaar valt, maar dat het een tijdelijke maatregel is tot het woningtekort is opgelost. Weer iemand die ik een woordenboek cadeau moet doen. Mag hij inruilen voor een basisboek over economie als hij het woord “liberaal” kan spellen.

De enige oplossing is meer woningen. Maar dat kost niet alleen tijd, het roept ook veel weerstand op. Natuurlijk denkt u meteen aan de zeldzame gevleugde marmeren vliegende huismarmot die zijn habitat verliest, maar ik ben iets praktischer. Hoe meer woningen er gebouwd worden, hoe minder jouw huis waard is. En we weten allemaal dat als er een ding is waarin Generatie Graai uitblinkt, het wel hun geboortevoorrecht omzetten in keiharde pegels is. “Kinderen, kleinkinderen, allemaal leuk en aardig zolang mijn huis maar minimaal vijf procent per jaar in waarde stijgt.” Oftewel nul nieuwe huizen. Hoeveel woningen denkt u dat er de komende 20 jaar – tot het probleem opgelost is – gebouwd worden?

Het is een klassiek geval van mensen met rechten, dus meestal oud en voor geen goud te porren voor een verhuizing. Doet een beetje denken aan de nieuwe Hema CAO waar jarenlang zitvlees beloond wordt en de jonge, hardwerkende collega het met een appel en een ei moet doen.

De Haagse VVD-wethouder Revis probeert zich nog een beetje liberaal voor te doen. ‘”Anders dan wat Amsterdam en Utrecht nastreven, stellen we niet de maximale huurprijs vast. We bepalen alleen wie toegang heeft tot de huizen.” Met andere woorden: Als de gemeentelijke puntentelling beslist dat een huis tot het middensegment behoort, mag het alleen verhuurd worden aan mensen met een inkomen tot 57.000 euro. Welke prijs een huisbaas in de praktijk vraagt, is aan hem.’

Samengevat: de volgende huurder mag niet meer dan 57.000 euro per jaar verdienen, maar de verhuurder (hem is mij een beetje te #ikook) kan een huur van bijvoorbeeld 60.000 euro per jaar eisen. Wedden dat de verhuurder alleen kandidaten accepteert die tussen de 56.999 en 57.000 euro per jaar verdienen en vervolgens toch de huur omhoog jaagt. Daar sta je dan met je 1,0 politie en 0.6 verpleegkundige salaris. Vergeef me mijn tweede #ikook vergissing. Nog meer symboolwetgeving die het echte leven alleen maar zwaarder maakt. En politici zich maar afvragen wat er met het draagvlak voor de democratie aan de hand is. Geen wanhopiger gek dan een falende overheid op de huizenmarkt. Daarom misschien?

Kopfoto gemaakt door Ján Jakub Naništa, gevonden op Unsplash.

Autopech op z’n Amsterdams

Een “echte” socialist brengt eerst een kwarteeuw in armoede door. Op de fiets! Daarna mag je de salon in.

De vrije republiek Amsterdam noemde mijn baas, een Brit, het. Misschien nog niet eens zo gek gevonden. Zelf viel ik van mijn paard en mijn mond open toen ik hoorde dat oud-politica Femke Halsema van stal werd gehaald om burgemeester van Amsterdam te worden. Het verleden moet je niet al te veel oprakelen en zelfs een Rotterdammer denkt niet aan Amsterdam als een soort van perverse parkeerplaats voor oud-kamerleden. Toch gebeurt dat regelmatig, waarbij nieuwbakken hoofdstedelijke regenten zich nogal eens vergalloperen, zwijmelend van zoveel geluk. De politieke bovenklasse heeft haar eigen regels, zeg maar niet of nauwelijks.

Mevrouw Halsema als versgeslagen burgemeester van Amsterdam riep dat haar stad de wet niet zou gaan handhaven aangaande het boerkaverbod. Blijkbaar mogen politici wat burgers niet mogen, zelf kiezen welke wetten hun bevallen en waar ze zich aan houden. Voor een zeer ervaren politica een verbijsterende opmerking en natuurlijk moest ze haar woorden korte tijd later inslikken.

Zes maanden later en rechtse rakker Sharon Dijksma raaskalt wat over futurisme als ze stelt dat over tien jaar alle verbrandingsmotoren uit de hoofdstad zijn verbannen. Voordat je mij voor gek verklaart: alles rechts van Groen Links lijdt aan rakkeritus volgens de club van burgemeester Halsema.

Niet iedereen is fan van Europa, ik wel. Mijn motto is dat je jezelf moet verkopen. Het beste moment is als mensen blij zijn, bijvoorbeeld op vakantie. Weinig mensen weten dat Europa voor één soort oplader heeft gezorgd, goeie actie en goed voor het milieu, al zeg ik het zelf. Succes is blijkbaar zelfvernietigend want niemand in driekwart Brussel of een kwart Straatsburg komt op het idee om zoiets te doen voor automobilisten. Frankrijk eist alcoholtesters aan boord, Belgie hesjes – in verschillende kleuren weliswaar – en onze Oosterburen hebben iets met sneeuwkettingen in de winter.

Op nationaal niveau is het al net zo’n puinhoop. In de ene stad mag je met je moordende dieseltje wel tot op de stoep van het stadhuis komen, in de andere levert dat je een dikke prent op.

Mevrouw Dijksma is redelijk bijzonder in de politiek. Vanuit de collegebanken is zij als 23-jarige in de Tweede Kamer beland. In de kwart eeuw tussen toen en nu heeft ze uitsluitend politieke functies bekleed. Op dit moment is ze wethouder in Amsterdam. Als grootste gemeente van ons land krijg je daar – op vijf euro na – 10.000 keiharde europegels per maand. Best goed he, die euro? Met acht procent vakantiegeld, logisch en acht en drietiende procent eindejaarsuitkering, ook niks op tegen kom je op een bruto jaarsalaris van net geen 135.000 euro uit. Waarom zou je dan nog afstuderen?

Geen idee hoe het in 1994 was maar anno 2019 krijgt een kamerlid minder dan een Amsterdamse wethouder: 107.000 euro. Laten we eerlijk zijn, alles boven een ton bruto doet je het contact met de werkelijkheid verliezen. Alleen al dat geintje met onze energierekening die dit jaar dreigt te ontploffen, bewijst dat.

Over tien jaar heeft mevrouw Dijksma waarschijnlijk een nog beter betalend baantje in de publieke sector. Zo werkt het nu eenmaal. Gerrit Zalm werd ook alleen maar baas van ABN Amro omdat hij “nog niet beloond” was.

Zo gauw je geld aan het einde van de maand overhoudt, ziet het leven er anders uit. Dat is niet de wereld waarin veel mensen leven. De meeste gezinnen, zeker met kroost moeten iedere maand even rekenen. Dat betekent niet dat je wat tekort komt, maar wilde en kostbare overheidsplannen passen niet binnen het budget.

Natuurlijk is het symboolpolitiek dat over tien jaar alle auto’s met verbrandingsmotoren de stad uit zijn. Om te begrijpen hoe dwaas en milieuterroristisch het plan is, breidt het eens uit naar de Europese Unie. De wereld zou letterlijk ten onder gaan als over tien jaar nergens in Europa een benzine- of dieselmotor meer welkom is. Niet alleen de schrootafvalberg doet boterbergen en melkplassen verbleken, zelfs met hergebruik is de hoeveel grondstoffen voor nieuwe auto’s gigantisch. En al die accu’s moeten ergens opgeladen worden.

Daar had wethouder Dijksma vast niet over nagedacht toen zij haar egostrelende plannetje publiceerde. Amsterdam alleen nog bereikbaar voor de rijken, toeterden diverse publicaties. Tot op zekere hoogte klopt dat. Aan de andere kant, dat is al jaren zo. Tegenwoordig heet het parkeerbelasting en iedereen betaalt evenveel. Jouw zonne-energie slurpende Tesla en mijn vervuilende Dafje betalen ieder 7.50 per uur om te parkeren. Stel dat we beiden zo’n 2,5 uur per week betaald parkeren in de hoofdstad, dan kost ons dat 1.000 euro parkeerbelasting per jaar.

Maar ja, mensen met een Tesla verdienen minimaal een ton en Dafrijders 22.000 euro per jaar. In procenten uitgedruk betaalt de Teslarijder een procent parkeerbelasting in een jaar, de even lang parkerende Daffer 4.5 keer zoveel. Niets nieuws onder de zon. Ter herinnering, wethouder Dijksma verdient meer dan een ton, netzo als ieder kamerlid. Binding met de gewone man, vergeet het maar.

Het wordt nog erger. In een poging zich te rechtvaardigen, riep mevrouw Dijksma dat in 2030 er al een electrische auto is voor 23.000 euro. Laten we even rekenen en beginnen met de constatering dat je oude auto niets meer waard is en tweedehands electrische auto’s niet te vinden zijn. De wasmachine is net kapot gegaan en dus sluit je een lening af voor de auto. De ANWB is je vriend en die heeft weer handige leenvriendjes.

We lenen een bedrag van 23.000 euro. De rente is (minimaal) vijf procent en betalen dat bedrag in vijf jaar of als het niet lukt in 10 jaar terug. Nadeel van zo’n lange termijn is wel dat de auto misschien al kapot is voor je hem hebt afbetaald en we praten hier over forse maandbedragen. Kies voor vijf jaar en je betaalt 433 euro per maand. Als je noodgedwongen het bedrag in tien jaar terugbetaalt, kost dat 243 euro maandelijks. Na vijf jaar heb je 25.980 euro terugbetaald en na tien jaar 29.160 euro. Da’s veel geld. En met dat krediet op zak kun je nergens meer geld lenen om je huis te verbouwen als het kabinet de gaskraan dichtdraait. Koop je toch gewoon een electrische camper?

Foto gemaakt door Katarzyna Dutkowska, gevonden op Unsplash.

Rondreizende Academische Afzwaaiapen Maken Studeren Duurder en Duurder

Koszdah’, zo’n universitite titel? Alsof de toekomst van ons kroost al niet dreigend genoeg is. Statiegeld iemand?

Het jaar is 1980, Spargo zingt “You and me” en in de zesde klas leest onze meester “Rob en de stroper van tjot-idi” voor. Destijds was de zesde het laatste jaar voor de middelbare school. In het boek wordt hoofdpersoon Rob ten onrechte beschuldigd van verraad.

Geef het vier decennia met een sprongetje van primair naar tertiar onderwijs en de wereld is nog steeds de wereld. Onwil verandert nooit. Ondanks dat ze midden in het land ligt, is voor sommigen de Universiteit Utrecht mega-moeilijk bereikbaar. Normale mensen verhuizen of zoeken een baan elders, maar als je Anton Pijpers heet en bibe Bobo bent – bibe staat voor bijzonder bevoorrecht – heb je een auto met chauffeur en dure vliegtickets naar het einde van de wereld. Misschien dat er daarom op ‘onze’ Nederlandse universiteiten geen Nederlands meer wordt gesproken. Effin, het mag wat kosten. Tijd dat de rector magnificus zijn heil elders zoekt zegt u? Helemaal mee eens, maar ook dat is een dure grap. Komt zo.

Niet dat de hoogte van het bedrag of waar het aan uitgegeven is, enige discussie opwekt in de Utrechtse universiteitsraad. Nee, laten we lekker de boodschapper ophangen, een vuige student die durft te ageren tegen het academisch pluche. Vrij vertaald als een jonge hond die de mores van hen die voor zichzelf en hun vriendjes zorgen, niet begrijpt. Het woord afkeuren komt nooit op in het hoofd van Floris Boudens’ tegenstanders. Vroeger was alles beter. Toen had je tenminste nog vorm boven inhoud. Anno 2019 is het triumviraat werkelijkheid geworden en prijkt geld boven vorm of inhoud.

Een paar dagen later worden de vertrekplannen van de grote baas van het Amsterdamse Academische avontuur aangekondigd. Kort gezegd: van één universiteitsbestuurder op reis, kun je er twéé buiten dienst stellen. Da’s best veel geld ondanks dat 2.000 euro aan collegeld een koopje is voor 35 gemiddelde Amsterdamse studenten. Eenmalig mag ik hopen. Ondertussen bloeden, jaar in, jaar uit 70 voltijdsstudenten in Utrecht voor de reiskosten van hun rector magnificus. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Misschien meer televergaderen en minder vliegen? Briljant idee al zeg ik het zelf. En dan bedoel ik niet alleen het weggegooide geld, maar ook het milieu. Tot die tijd: wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Een kniesoor die let op de mitsen en maren. Hypotheek op de rest van je jonge leven? De rector-magnificus en zijn vriendjes zijn dan allang dood.

“Minder vliegen voor het milieu?”
“Dood, zo dood als een pier!”
“U bedoelt wat?”
“Kansen, toekomst, eigen huis en het milieu.”
“Nou u durft wel!”
“Na mij de zondvloed, maar druk dat maar niet af. Klinkt zo slordig, euh onprofessioneel als wetenschapper dinges enzo.”

Ondertussen mag Matthijs van Nieuwkerken niet meer verdienen dan de minister-president. Ze hadden er ook een paar euro bovenop kunnen doen. Laten we zeggen twee ton rond. Dan vermijd de politiek de indruk dat zij zich belangrijker vinden dan alles en iedereen, als in de mensen die zij beloven te dienen in een echte democratie.

Ach, misschien dat de publiekspresentator nog een extra zakcentje kan bijverdienen door zijn afscheid zelf – maar wel ver weg – te organiseren.

Kopfoto Hans Ripa op Unsplash / Vasily Koloda op Unsplash (bewerkt en gecombineerd)

Decemberlijstjes. Hoe de Vaderlandse Pers de Plank Misslaat

Waarin een klein kikkerlandje niet genoeg keuze heeft om zich fouten te veroorloven

December. Weer een top tig. Nederlandse boeken dit keer. Matig interessant, maar van achter naar voor én gemengd. Dus klik en weg.

Mijn teleurstelling in de polderpers is waarschijnlijk voor het leven. Bijna dagelijks komen er verse redenen binnen die mij tegenwerken in het ontdekken van meer positieve persgevoelens. Neem de Volkskrant, die een decemberlijst publiceert.

Het Nederlands omvat een klein taalgebied. Wil je weten wat er speelt in de wereld zonder een paar jaar – of voor altijd – te wachten, lees je beter in het Engels. Mijn respect voor de Volkskrant is daarom des te groter dat zij komt met een lijst van 51 beste boek voor 2018. Eerlijk gezegd heb ik geen idee waarom het exact 51 titels zijn. Misschien heeft de journalist een allergie voor 50 Tinten Grijs. Het kan ook zijn dat het aflopende jaar 51 volle weken telde. Hoe dan ook, het kan niemand schelen. Maak het de lezer makkelijk, verleid hun, gebruik ronde getallen.

Eerder deze week kwam ik op de website van de Amerikaanse omroep CBS een lijst tegen met de ongeveer 50 beste films van dit jaar, het kunnen ook TV series zijn geweest. De vormgeving was zo triest dat zelfs een holbewoner nog begrijpt dat het enige doel meer oogballen is. De makers geloven dat wij klikkneuzen er toch wel voor vallen. Als je – met gratis onleesbare vormgeving – voor iedere volgende film op de lijst moet klikken, verliezen zelfs onlinezombies alle interesse. Een klassiek voorbeeld van een domme, hebberige klikpublicatie. Journalisme is hier duidelijk niet het juiste woord. Gelukkig maar, want klik op het kruisje en schermpje dicht.

Daarnaast hou ik niet van lijstje die van laag naar hoog gaan. Een andere opsomming waarop ik stuitte bevatte de 150 beste films van 2018. Natuurlijk van achter naar voor. Daarmee geef je als schrijver een brevet van onvermogen af. Niemand is geinteresseerd in een film die voor 23 euro is gemaakt, bijeengebedeld middels een inzamelingsactie op internet. Hoog naar laag, dat willen wij klootjesmensen anders klinkt het afhaakalarm. De enige reden dat we blijven lezen, is omdat de journalist een interessante pen heeft. Door het pulp van het afgelopen jaar waden om het uiteindelijk niet eens te zijn met de keuze van de auteur, leidt nooit tot meer kliks. En dan heb je nog geluk, de winnaar is meestal weinig verrassend. Zeg nou zelf een reis van pauper pulp naar ach gossie is toch alleen interessant als het goed gekookt en opgediend wordt?

Onduidelijkheid is helemaal de hond in de pot. Toch doet de Volkskrant een poging. Het is zo cliche, maar The New York Times is echt een goede krant. Natuurlijk erger ik mij aan dat rare inschuifraam met commentaren. Je mening geven is meestal niet eens toegestaan, maar dat terzijde. De belangrijkste kritiek op hun maandelijkse boekenlijst blijft dat de samenstelling ondoorzichtig is. De scheiding tussen fictie en non-fictie – ik vertaal het als het verschil tussen vertellingen en boeken over kennis en feiten – is wel nuttig. Op de middelbare school moest ik een leeslijst samenstellen. Natuurlijk vluchtte ik in het magisch realisme. Romans zijn niks voor mij. Een van mijn favoriete boeken dit jaar is dan ook ‘Besmet Bloed‘ (mijn vertaling van Bad Blood). Een middelmatige blondine in een zwarte coltrui a la Steven Jobs houdt jarenlang investeerders (vooral oude grijze mannetjes) in Silicon Valley voor de gek. En helaas ook patienten.

De Volkskrant doet lijstjes anders. Gooi de boel gezellig bij elkaar en trek je niks aan van de diversiteit van je publiek. Vergeet vooral dat lezers een verhulwoord is voor klanten, als in boterham, hypotheek en krijsende kinderen. Romans zijn niet voor mij. Lijstjes van achter naar voren al helemaal niet. Wat vonden jullie leuk en waarom, dat wil ik weten. Binnen bepaalde grenzen natuurlijk. Verleid me met je pen. Er is nul spanning in een lijstje dat van achter naar voren gaat. Nederland heeft 17 miljoen mensen. Hoeveel daarvan schrijven? Zelfs al is het een promille, welk dertiende daarvan is leeswaardig? En dan nog, wat als het onderwerp niet mijn interesse heeft?

Als je wil dat mensen het lezen zodat robots binnenkort je werk overnemen, ga zo door. Anders moet je misschien eens nadenken over hoe je je een ambachtelijk produkt kunt leveren. En nee, nog meer plaatjes helpt niet.

Pssst. Wat ik dan wel weer leuk vind, is het doorleeslokkertje na afloop van de lijst. Keihard kort én krachtig: de drie beste boekomslagen van 2018. Jullie kunnen het wel, Volkskrant. Zolang jullie maar als lezers denken en niet kwijlen als machines die gecodeerd zijn om kliks te creeren. Daar krijg je geen blije lezers – en adverteerders van!

Kopfoto gemaakt door Patrick Tomasso, gevonden op Unsplash.