Rouwkaart

Omdat m’n broek afzakte toen de machtige TV presentator een dappere, eenzame postbezorger kleineerde op TV – “in het belang van de consument.”

Als je het over platgetreden uitspraken hebt: er is in het leven meer zekerheid dat jouw rouwkaart op tijd en correct bezorgd wordt dan dat de belastingdienst dinges dit of dat doet.

Sterfgeval in de familie, dit keer staat het wat verder van me af. Ik richt mij op de nabestaanden. Aan de keukentafel schrijven ze rouwkaarten, nog steeds de beste manier om een niet-te-missen bericht te versturen. Via de app voeg ik een link naar Post.NL toe waarin staat dat de post ook op zondag rouwkaarten ophaalt. Fijn en zeker in een wereld waar niet mensen, maar alleen geld lijkt te tellen.

De meesten van ons hebben geen flauw benul, maar er is geen belangrijker bericht dan een rouwkaart voor onze Post. Veel dingen zijn veranderd sinds ik als student bij de Post werkte, maar het niet het plichtsbesef, trots en fanatisme – en soms is dat heel goed – waarmee die belangrijkste berichten op cruciale dagen bij iedereen worden bezorgd. Keihard gegarandeerd.

Begin jaren negentig solliciteerde ik, onwetend, naar de baan van baby-ijsbreker: de eerste student die op zaterdag pakjes bezorgde. In het begin keken mijn voltijds-collega’s me een beetje aan, maar al gauw stond er op driekwart van mijn route een collectie rode busjes obstinaat geparkeerd. Het “jonkie” werd even geholpen, zodat we allemaal op tijd naar huis konden. Het motto was overigens “allemaal” en niet “snel.” “Goed” behoefde geen krans. Een brief of pakje bezorgen was iets om trots op te zijn, het was een levenslijn met de rest van de wereld. Dat deed je goed – én op tijd. Pas jaren later realiseerde ik mij de waarheid – en perfecte reclameslogan: “een te-laat-bezorgde brief is een niet-bezorgde brief.”

De ploegbazen waren mannen van het oude stempel die nieuwe wijn in oude zakken moesten leren drinken. Ze stuurden je terug voor dat “vergeten” pakje, zelfs als het bedrijf op zaterdag gesloten was. “Dat is onze afspraak met de klant!” Niks nieuws onder de zon, zo werkt het al eeuwen. Simpel, eerlijk en solide.

Te serieus voor een of ander prul in papier? Tijd om pas op de plaats te maken. Natuurlijk scheurt een pakje wel eens open. Volledig neutraal en honderd procent professioneel heb ik de cursus tantrische partnermassage op volgorde terug in de bestelling gedaan voor ik aanbelde bij de kapitale villa. Wat moest ik anders? Terug naar kantoor en een stempel aan mijn baas vragen met “beschadigd ontvangen?” Over discretie gesproken.

De postbode hoeft niet te weten wat erin dat pakje of brief zit om te weten dat het belangrijk is. Het is je werk en je doet het goed. Mensen vertrouwen terecht op je. Geen koppel liefdesbrieven weegt gelijk noch twee bankberichten. “Een brief is van, voor. Leg ‘m onder je hoofdkussen of verscheur ‘m, boeit me niet. Die brief is belangrijk en dus doe ik het goed en op tijd.” Een van de mooiste dingen van de beroepstrots van postbezorgers. En ja, zij zijn ook mensen, dus soms gaat het fout. Wanneer dat onmogelijk is, treedt het perfectie-protocol in werking. Nooit aandelen gehad in de post, maar dit komt uit de grond van mijn hart. Geen idee hoe het er tegenwoordig bij de post aan toegaat, maar in mijn studententijd hadden de mannen en vrouwen van de post onkreukbare beroepstrots – en handelden ernaar met uitmuntend resultaat. Dat blijft een les waarvoor ik mijn leven lang dankbaar ben. Zelfde verhaal staat overigens ook in het handboek voor beginnend diplomaten en ambtenaren.

Terug naar de tranen. Simpel gezegd, rouwbrieven zijn heilig. De meesten worden aangeleverd in een vierkante envelop omlijst door een zwarte rouwrand, gefrankeerd met een speciale, neutrale postzegel. Als je verdriet je overmant en je gooit ze per ongeluk in de brievenbus, geen zorgen. Na lichting worden ze er binnen luttele minuten uitgevist door iemand die bij wijze van spreken zijden handschoenen draagt.

Ook bij de zware gevallen wordt niet gezucht. Stel dat een van die enveloppen voor je langverleden oom Sjakie is. “Ergens aan het einde van dat derde dwarspad, dinges” is best een lastig adres. Ongeveer is goed genoeg, dit is tenslotte cruciale post die geen vertraging kan dulden. Desnoods belt de bezorger aan bij alle huizen tot het einde van de straat, maar hij zal jouw ome Sjaak vinden. Vergis je niet in zo’n taak.

“Dag meneer, ik ben de postbode en ik weet dat het maandagmorgen is. Sorry dat ik aanbel, maar ik heb een brief voor meneer Sjaak. Ben ik aan het juiste adres?”

Afscheid nemen is niet leuk, zeker niet na een lange stilte, maar de postbode geeft jou die keus – en dus op tijd.

Trots, plichtbesef en prachtig fanatisme, in tegenstelling tot politici en managers komt de postbode niet met mooie verhalen. Hij zorgt ervoor dat op die verdrietige momenten, wanneer de dingen weer in het juiste perspectief worden geplaatst, het in orde komt. Alle post is belangrijk maar deze enveloppe is kritisch. Als de managers bij PTT Post toch eens meer naar hun mensen zouden luisteren en begrijpen dat ze achter de oplossingen aanlopen als ze roepen: “ik wil geen vragen, maar antwoorden.” Geeft ze wel de tijd om over de toekomst van het postverkeer – en de mensen voor wie ze verantwoordelijk zijn – na te denken.

Hoe het met ome Sjaak afliep weet ik niet, maar aan de mannen en vrouwen van de Post lag het zeker niet. We kunnen allemaal wel krijsend luid klagen, maar voor 99 procent zijn het mensen die hard werken, een verschil maken, trots zijn op hun werk en dat stapje extra doen – al voor het nodig is.

PS
Wist je trouwens dat rouwkaarten niet door de machine gaan maar handmatig gestempeld worden? Daarom zie je alleen een datumstempel op de postzegel en wat golfjes ernaast. Het verdriet is al erg genoeg, moet je niet ook nog een lollig bedoelde reclametekst zien waardoor je hart nog verder scheurt.

Kopfoto gemaakt door Serhat Beyazkaya, gevonden op Unsplash.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*