Waterijs Alarm

Een land waar het grootste zomerprobleem een tekort aan waterijs is, is gezegend. Hoe leg je dat uit?

Zeg nou zelf, het leven wordt niet beter dan dit. Ja, voor veel mensen zijn de tropische temperaturen een hel, maar genieten van wat Gaia je geeft is ook een kunst.

Als je mijn blog een beetje gevolgd hebt, weet je dat Rio de Janeiro in minder dan een week voor altijd mijn hart gestolen heeft. Protestant of katholiek, carnaval in de stad van de januari-rivier bekeert je. De details laat ik voor alle zekerheid weg, maar geloof mij, het is voor iedereen!

Terwijl het op het zuidelijk halfrond winter is – geen zorgen, in Rio is het nog steeds 20 graden – beleeft ons kikkerlandje de golf aller hittes. Mijn officiele Rotterdam gsm-temperatuur-meting leert dat het gisteren 38 graden was. Vandaag gaat dezelfde kant op. Geweldig toch? Fantastisch, met één kleine uitzondering, de waterijsjes zijn op. Verwacht iemand iets anders?

In een wereld vol oorlog, ellende en ondervoeding, is een waterijs-alarm toch het mooiste wat je kunt wensen? Hoe bevoorrecht kun je zijn? Om duistere redenen – mijn schrijvende medemens worstelt blijkbaar met een 24/7/365 ijskoud hart – ben ik de enige die er de schoonheid van inziet. Vraag het je opoe, achtergrootoom of wie dan ook, niemand kan zich een waterijsalarm herinneren. Ooit.

Ja het is niet koud buiten en de ijsjes raken op. Ben dankbaar voor wat we hebben. Dat betekent overigens niet dat we ons geen zorgen over de toekomst moeten maken. Best lastig met een kabinet dat de industrie laat beslissen over de toekomst van statiegeld. Als iedereen in Nederland statiegeld wil, hoe ondemocratisch handelt ons kabinet dan eigenlijk?

Terug naar 38 graden in Rotterdam. In mijn hoofd hoor ik een kakafonie van Nederlandstalige liedjes. De eerste is van Rob de Nijs en de laatste van Gerard Cox. Daar tussenin zit Ali B. Samen overbruggen “Het werd zomer“, “Zomervibe” en “Het is weer voorbij die mooie zomer” de paar zonnige weken die we hebben in Nederland.

Ja, het is warm. Geniet ervan. Met of zonder raket-ijsje. Voor je het weet is het kerstmis, geen sneeuw en 13 graden en je zucht “het is weer voorbij die mooie zomer”. De zomer die begon in april.

De Huizenmarkt is een Heks

Het Algemeen Dagblad kopt vandaag: ‘Oudere huizenbezitter wil overwaarde cashen, maar zit vast in zijn woning.’ Ach gossie, wat had je dan verwacht?

Leuk he, toen halverwege jaren negentig RTL’s Eigen Huis En Tuin – en aanverwante gesponsorde programma’s- de huizenmarkt tot op grote hoogte jaagden? Helaas. Je huis zal maar drie keer over de kop zijn gegaan en je kunt het aan niemand verkopen omdat ze het niet kunnen betalen. Dat de banken het willen financieren is een ander verhaal.

Kinderen de deur uit en dan? Zelf ben ik opgegroeid in het Brabantse plaatsje Roosendaal. Iedere keer als ik er kom, slaak ik een zucht van verlichting dat ik tegenwoordig in Rotterdam woon. Eerlijk is eerlijk, sinds de burgemeester de coffeeshops heeft verbannen, het Brabantse Roosendaal ligt een paar kilometer van de Belgische grens, achtervolgen drugcriminelen elkaar al schietend vanuit de straat waar mijn zevenjarig nichtje opgroeit tot recht voor het politiebureau. “Ja broer, de tijden zijn veranderd sinds wij klein waren.” Dat betekent ook dat we met z’n allen dankbaar moeten zijn voor hoe dom sommige criminelen zich gedragen.

De figuren op het pluche ondertussen? Waarom zouden we hen geen rendements-eis opleggen? Ha ha, valstrikvraag. De pluchionairs zijn immers degenen die de wetten maken. Oeps.

OK, dat was een vrij extreem voorbeeld, maar ja, wat doe je in je ‘gouden jaren’ – emmertje iemand? – als niemand kan betalen wat je huis niet waard is? RTL aanklagen? Sinds John de Mol de succesnummers heeft weggekaapt, valt ook daar niet veel meer te halen.

Een huis is om in te wonen, beetje betaalbaar dus. Aan het einde van de rit heb je een appeltje voor de dorst. Helaas, sinds Airbnb – ik vermoed dat ze niet werkzaam zijn in Roosendaal – gaat dat zo niet meer. Een huis is niet om in te wonen, maar om je opbrengst te maximaliseren, desnoods neem je de kinderen mee naar de camping. Iedereen weet tenslotte dat overal in Nederland er 220 Volt uit het stopcontact komt. Kun je dat witte hemd voor op kantoor prima mee strijken.

En de kinderen? Die vertel je gewoon dat het leven een groot feest is, als in altijd kamperen, een camping met hindernissen weliswaar. In de rij voor de [gemeenschappelijke] douche, in de rij om tanden te poetsen bij een groezelige wasbak en hop naar school.

Dagen, weken, maanden of jaren, het maakt niet uit. Jouw kinderen zullen nooit genoeg geld hebben om een eensgezinswoning te kopen – een van het soort waar ze in opgegroeid zijn. Over geboorteonrecht gesproken.

Jij ondertussen, zoekt wanhopig naar een koper voor dat huis waar iedereen ‘van droomt’. Ken je die megahit van Marco Borsato nog: “Dromen zijn bedrog?” Het is “de waarheid.”

Geldhaai Krijgt Deksel op Neus

Niemand wordt harder uitgebuit dan mensen die geen geld hebben. Heb je pegels, wil iedereen het. Toeslagen, garantstelling? “Daar doen wij niet aan geachte client.” Heb je niks te makken, wordt je tot de laatste druppel uitgemolken.

Flitskredieten zijn niet meer dan uitstel van executie. De slimste ben ik zeker niet, maar rekenen kan ik als de beste. Ook ben ik een beetje naief, ik dacht altijd dat rente een vergoeding is voor alle kosten die een geldverstrekker maakt. Zo werkt het tegenwoordig niet meer.

Misschien ligt dat laatste ook wel een beetje aan de Nederlandse Staat. Graaiende politici die vinden dat het gepeupel – u en ik dus – teveel geld hebben en bovenop de boete administratiekosten zijn gaan rekenen.

Een flitskrediet is niet meer dan een kortlopende lening. De gouden regel is, hoe langer het krediet loopt, hoe lager de rente. In de prakijk is het heel soms tegenovergesteld – een omgekeerde rentestructuur – maar dan zit de economie in zwaar weer.

Stel je komt 100 euro tekort. Volgende maand komt je salaris weer, maar je moet het geld nu hebben. De flitskredietmeneer, of -mevrouw, wil je graag helpen. Wanhopig graag zelfs. Voor een kleine vergoeding, de basisrente is zeer redelijk, heb je vandaag nog die honderd hardnodige pegels op je bankrekening staan. Een belangrijk detail: de geldverstrekker wil wel zijn centen terug. Logisch, iedere bankier weet dat mensen die bereid zijn astronomische rentes te betalen, geen enkele intentie hebben om de hoofdsom terug te storten.

Naast de rente wordt je gevraagd om een verzekering of garantstelling af te sluiten. Dat is even slikken, het kost een paar centen. Maar ja, aan wanhoop wordt genadeloos grof geld verdiend en de meeste mensen kunnen toch niet rekenen. Je gaat zuchtend accoord. Als je goed met cijfers was geweest – of niet wanhopig – had je naar een andere oplossing gekeken. Nu trap je in Mammon’s flitsfuik. De honderd euro die je leent, betaal je meer dan dubbel terug. Onafhankelijke, eerlijke financiele tovenaars hebben berekend dat op jaarbasis je het geleende bedrag wel tot zeven keer terug betaald: ofwel 600 procent rente. Dat is het soort hulp waarvan je van de regen in de oceaan raakt, met een molensteen van 666 kilo om je nek. Einde oefening. Blub.

In een recente zaak verloor het ‘ongeveer’ in Finland gevestigde Loan Rider van een flitskredietnemer. Loan Rider argumenteerde dat een man die voor een maand 350 euro had geleend, bovenop de rente nog 87.50 euro aan garantstellig moest betalen. Daardoor sprongen de totale kosten naar dik 300 procent op jaarbasis, terwijl in ons land momenteel een maximale rente van 14 procent geldt. De geldhaai claimde dat de bijna 100 euro aan verzekering niets te maken had met de rente die werd gerekend. De rechter was het niet met de haaibaai eens. Heb ik voor een keer toch gelijk, rente behoort alle regulier kosten van een geldverstrekker te dekken.

De Autoriteit Financiele Markten had daarvoor een rechtzaak verloren over het feit of ze zeggenschap hebben over buitenlandse flitskredietverstrekkers. Nee, die vallen niet onder de regels van de Autoriteit Financiele Markten en konden via het internet uitbuitingzaken blijven doen. Deze uitspraak verandert dat. Voor flitskredietvogels valt er voortaan weinig te verdienen. Het wordt overigens hoog tijd dat de Europese Unie wetgeving maakt die ervoor zorgt dat online-aanbieders gebonden worden aan de wetten die gelden in het land van hun klant.

Waarom de Europese Unie? Van onze eigen regering hoeven we niet veel te verwachten, denk maar eens aan het gedraai van parlementaire kontjes op het fluweelzachte pluche als het op statiegeld aankomt.

Deelder Verhuist

Soms is een man gewoon jaloers – en trots daarop.

Deelderiaans gezegd: “het plafond pleurt na beneeje.” Dan verkoop je toch gewoon het huis? Dat is in ieder geval wat Jules Deelder doet. Hebberig worden op basis van een krantenartikel en twee relevante foto’s? Ja, het kan.

Meer dan een (platen)paleis (Afbeelding: Funda)

Achter mij staan vijf boekenkasten tot de nok toe gevuld met allerlei. De boeken zijn niet de minste, je vind er onder andere de integrale, gebonden, luxe uitgave van Marten Toonders’ complete Heer Bommel. Vroeger had ik kratten vol platen en CD’s. Tegenwoordig is alles digitaal. Uit mijn begintijd als DJ, plaatjes opzetten was destijds absoluut niet gaaf, herinner ik mij hoe ik in de discotheek door de platenbakken bladerde. Nummers die ik wilde draaien, kantelde ik een kwartslag en liet ze uitsteken.

Meneer Deelder heeft een thuisdiscotheek, in de letterlijke zin van platenverzameling. Een man die een ladder nodig heeft om aan zijn muziek te geraken, verdient diep respect. Hier in de kast staan wat CD’s met selecties van Jules Deelder. Ja, echte ouderwetse CD’s waarvoor ik knaken betaald heb. Ondanks dat ik het voordeel van digitaal dagelijks ervaar, voel ik me er ongemakkelijk bij. Mijn vingers worden onrustig. Is er hier iets te bladeren, al zijn het maar 500 maxisingles? Maar nee, de nullen en enen geven geen kik.

Meneer Deelder ondertussen, heeft een wand vol met platen, groter dan mijn honderd dozen boeken, die sinds de verhuizing veilig opgeborgen zijn in mijn boekenkasten uit het land der Svenska-Turkse gehaktballen.

jules deelder jazz platen discotheek verhuizing rotterdam mathenesserlaan

Natuurlijk zijn de makelaarsfoto’s in klassiek Deelder zwart/wit. (Afbeelding: Funda)

Wat ben ik jaloers op zo’n man. Z’n gedichten kunnen me gestolen worden, begrijp er niets van. Geeft ook aan hoe hip of posthip ik niet ben. Maar eindeloze rijen zwarte schijven gevuld met muziek waar A&R managers liefst ver van blijven omdat ze er niets van snappen, welke muziekliefhebber droomt daar nou niet van?

Kijk, volgens de reclame moeten we allemaal dromen van een uur kwalitijd met ons kroost voor een veel te hoge prijs (Eurocard/Mastercard). Het suikerwaterbrouwsel van Heineken probeert eenzelfde idee aan de (meestal) man te brengen. Drink dit en je hebt lol en vrienden. Drink de hele krat alleen en je weet niet meer van hoe of wie.

Geef mij maar muziek. We hebben het allemaal wel eens gedaan: tig keer dezelfde plaat draaien. En het verveelt nooit. Dat is de kracht van echte muziek. Het heeft iets magisch en wordt nooit saai, zeker niet als je een eigen platenpaleis hebt. Het plafond komt naar beneden, nou en? Als je lang genoeg wacht, stort alles in. Zolang de muziek speelt is er geen reden tot zorg.

Oh ja, mocht je niet van muziek houden, de achtertuin is 45 meter diep.

jules deelder jazz platen discotheek verhuizing rotterdam mathenesserlaan

Het plafond komt naar beneden. Nou en? (Afbeelding: Funda)